,

Community Architecture

Januari 2010 zijn we gestart met het onderzoek naar ‘Community Architecture in Nederland’. Dit onderzoek is een initiatief van Remake dat is mogelijk gemaakt met ondersteuning van het Stimuleringsfonds voor architectuur. Aan het onderzoek werkte mee: De Technische Universiteit Delft, FORUM Instituut voor multiculturele ontwikkeling en de architecten Wilfried van Winden, Babet Galis en Han Willem Visscher.

 

Doel van het onderzoek was het belang van community architecture in de architectuurpraktijk te onderzoeken en een bruikbare methode aan te reiken voor het ontwikkelen ervan. De essentie van community architectuur is dat de eindgebruikers actief het ontwerpproces sturen (interactief ontwerpen). Dit is gebaseerd op zeggenschap van die eindgebruiker in het ontwerp-, ontwikkel- en bouwproces.

De definitie van community architecture is: ‘Architecture carried out with the active participation of the end users.’ (Wates & Knevitt, 1987) Het belangrijkste kenmerk van community architecture is dus dat die tot stand komt door of met een collectief van toekomstige gebruikers, die gezamenlijk hun individuele en collectieve woonvraag realiseren. Deze woonvraag kan betrekking hebben op de eigen woning maar ook op de woonomgeving en de lokale voorzieningen. De gebruikers willen op deze wijze zeggenschap krijgen over de economische, programmatische, esthetische en sociale aspecten van het wonen.

 

In het onderzoek hebben we de huidige ontwikkelingen waarin de gebruiker steeds meer zeggenschap krijgt over de eigen woning en woonomgeving  in een historisch perspectief geplaatst. Daarnaast worden de theoretische grondslagen ervan in beeld gebracht. Door welke maatschappelijke, technologische en sociale veranderingen is de huidige paradigmawijziging te verklaren? Centraal staat het onderzoek naar zeven voorbeeldprojecten: het bio-ecologisch initiatief EVA-Lanxmeer in Culemborg, de transformatie van het Wallisblok in Rotterdam, de studentencampus La Mémé in Brussel, de wijk Nieuw Leyden  in het centrum van Leiden, het krakersbolwerk ADM-werf in Amsterdam, het buurtgeoriënteerde Vrijbrucht in Amsterdam en de uitleglocatie het Homeruskwartier in Almere. In het laatste deel van het onderzoek komen de consequenties voor de kwaliteit van de architectuur, de ontwikkelprocessen, methodieken en strategieën aan bod.

 

Het onderzoek is met de publicatie ‘Community architecture in Nederland’ toegankelijk gemaakt voor een groter publiek.